Buchedd Beuno

From Kelten
k78-2019-nooij-welsh-recensie-buchedd beuno-editie
78

Gepubliceerd: 29 april 2019
Buchedd Beuno
Lars Nooij
Title (EN): Buchedd Beuno
Abstract (EN):

Patrick Sims-Williams' edition of Buchedd Beuno offers beginners an attractive text for learning Middle Welsh. The story is lively and fast-moving, drawing the reader in, while Sims-Williams succinctly explains the relevant points of grammar by means of examples taken from the text itself. A general knowledge of grammar is assumed and some of the text's idioms might prove puzzling for complete beginners, as a translation is lacking. Otherwise, however, this edition manages to succeed admirably in combining accessibility with scholarly rigour. Highly recommended.

Sims-Williams, Patrick (red.), Buchedd Beuno. The Middle Welsh Life of St Beuno, Medieval and Modern Welsh Series 15 (Dublin 2018). Dublin Institute for Advanced Studies. ix + 236 pp., ISBN 978 1 85500 236 4, gebonden, €30,-.

Buchedd Beuno, of het ‘Leven van Beuno’, vertelt het grotendeels fictieve leven van misschien wel de belangrijkste heilige van Noord-Wales: Sint Beuno. Het is een kleurrijk verhaal over een heilige die het bij herhaling presteert mensen uit de dood te doen herrijzen, maar ook gewoon een heel degelijk iemand blijkt te zijn. Zo gaat hij netjes terug naar zijn vader wanneer die op zijn sterfbed ligt, weigert hij een stuk land wanneer blijkt dat hij het onrechtmatig verkregen heeft (niet zijn schuld!) en verandert hij een rokkenjagende koning in een plasje water. Daarbij heeft hij overigens niets te vrezen, want God is duidelijk met hem en hij verricht werkelijk het ene wonder na het andere.

Deze nieuwe editie maakt deel uit van de Medieval and Modern Welsh Series van het Dublin Institute for Advanced Studies en heeft dan ook – in weerwil van het plaatje dat men in de webwinkel toont – de gebruikelijke harde, rode band. Het boekje is, zoals normaal in deze serie, net wat kleiner dan A5 formaat en ligt goed in de hand. Verder voldoet het inhoudelijk aan wat je van deze serie mag verwachten: de editie bevat een inleiding, waarin niet alleen de redactionele keuzes en de handschriften die de tekst bevatten besproken worden, maar ook de kwestie van taal en dialect naar voren komen. Tevens wordt de tekst zelf in zijn historische context geplaatst. Ook is het boekje voorzien van de Middelwelshe tekst, een (bescheiden) notenapparaat en een woordenlijst. Ongebruikelijke toevoegingen zijn een bondige grammatica van het Middelwelsh en een diplomatische editie van de tekst: zaken waar we dadelijk nog uitgebreid op terug zullen komen!

De inleiding

Om echter bij het begin te beginnen: de inleiding is opvallend uitgebreid. Sims-Williams neemt (terecht) de tijd om in detail in te gaan op de tekstuele ontwikkeling van Buchedd Beuno (het blijkt een Middelwelshe vertaling van een nu verloren Latijns Leven van Beuno te zijn) en onderzoekt de tekstuele relatie tussen dit verhaal en de Latijnse Levens van de door Beuno uit de dood opgewekte vrouwelijke heilige Gwenfrewy. Hierbij citeert hij op overtuigende wijze passages waarin de vier teksten in kwestie over dezelfde gebeurtenissen verhalen, om op basis van de stijl en woordkeuze te beargumenteren hoe de teksten elkaar al dan niet beïnvloed hebben. Dit alles helpt dan weer bij het dateren van Buchedd Beuno, aangezien de Levens van Gwenfrewy veel preciezer gedateerd zijn.

Verder stelt hij de vraag wat het doel van de tekst was, waarbij hij er voor pleit dat het Leven hoofdzakelijk is geschreven om de wereldlijke ambities van Beuno’s latere volgelingen te behartigen. De tekst neemt de lezer mee op een reis langs vrijwel de hele oostgrens van Wales (zij het met een focus op het meer centrale Powys en het noordoosten) om uiteindelijk te eindigen in het noordwesten (in Arfon in Gwynedd en op Anglesey). De heilige doet volgens de tekst al deze plaatsen aan, maar Sims-Williams stelt dat het in feite niet zozeer om de reizen of daden van de historische Sint Beuno hoeft te gaan. Hij merkt namelijk op dat het treffend is hoezeer deze plekken overeenkomen met de kerken en andere plaatsen die rond de tijd dat de tekst geschreven werd aan Sint Beuno gewijd waren. Zodoende stelt hij dat Buchedd Beuno niet zozeer een historisch verslag is, maar vooral de wereldlijke belangen van de latere kerkelijke gemeenschap van deze heilige behartigde. Dit is een aantrekkelijke hypothese en het is dan ook niet gek dat Beuno in dit heiligenleven vrijwel overal waar hij komt stukken land krijgt toegewezen van de lokale machthebbers, waarbij bovendien telkens wordt opgemerkt dat deze plaatsen tot in het einde der tijden belastingvrij aan God en Beuno gegeven waren!

Een editie voor ‘complete beginners’

Het meest opvallende aan deze editie is echter niet de tekst zelf, maar de manier waarop Sims-Williams het boekje heeft vormgegeven. Hij stelt namelijk in zijn voorwoord dat de editie bedoeld is voor "complete beginners in Middle Welsh" en dat er geen enkele voorkennis van het Modern Welsh of enige andere Keltische taal voor nodig is om de tekst te kunnen lezen. Om dit mogelijk te maken heeft hij dan ook de voorgenoemde, 44 pagina’s tellende ‘korte grammatica van het Middelwelsh’ toegevoegd en heeft hij enkele concessies gedaan aan de leek. Zo heeft hij de spelling meer dan anders gestandaardiseerd door een strikt onderscheid te maken tussen de medeklinkers v /v/ en w /w/ en de klinker u /ü/ door deze steevast respectievelijk als ⟨v⟩, ⟨w⟩ en ⟨u⟩ te spellen, waar de handschriften die letters door elkaar gebruiken. Hij gaat zelfs nog een stapje verder: waar het Middelwelsh de letter ⟨d⟩ gebruikt om zowel de plofklank /d/ als de wrijfklank /ð/ te spellen heeft Sims-Williams ervoor gekozen de wrijfklank met de letter ⟨ð⟩ weer te geven (behalve aan het woordeinde, waar ⟨d⟩ altijd voor /ð/ staat). Waarom hij hier niet voor de Modern Welshe spellingsconventie ⟨dd⟩ voor /ð/ gaat, is me een raadsel, temeer omdat hij er wel voor kiest deze conventie te gebruiken in zijn weergave van de titel van het boek als Buchedd Beuno. Om het voor de ervaren lezer echter alsnog mogelijk te maken om te zien wat er in het handschrift staat, heeft hij de semi-diplomatische editie van Morris-Jones als bijlage toegevoegd.

De woordenlijst

Ook de woordenlijst is anders dan anders opgezet. Waar dergelijke lijsten vaak op volgorde van het Welshe alfabet (waarin bijvoorbeeld de lettercombinatie ff als los letterblok op de letter f en zo ook rh op r volgen) zijn opgenomen, volgt Sims-Williams hier strikt de Engelse (en daarmee ook de Nederlandse) volgorde. Ook trekt hij de letters c en k uit elkaar, die in het Middelwelsh beide voor de klank /k/ staan en die in woordenlijsten bij Middelwelshe teksten dikwijls samen onder c worden opgenomen. De meest radicale verandering is echter dat niet alleen vervoegde werkwoordsvormen, maar ook alle gemuteerde vormen van zelfstandig naamwoorden een eigen plek in de woordenlijst met verwijzing naar het hoofdlemma hebben gekregen, zodat de onervaren lezer het woord altijd kan vinden. Hier valt wat voor te zeggen, maar het levert wel een gek gezicht op bij letters zoals w, waar de eerste pagina niet één echt lemma bevat; het zijn in plaats daarvan allemaal verwijzingen naar woorden die eigenlijk met gw- beginnen, maar waar de g- is weggevallen door een mutatie (lenitie). Ook levert het wel eens wat geblader op, zoals wanneer je begint bij veibon, de gelenieerde meervoudsvorm van mab ‘zoon’: de woordenlijst stuurt je nu namelijk eerst van veibon (onder v) naar meibon (onder m), waar je weer doorverwezen wordt naar mab. Pas daar vind je de vertaling.

Een echt probleem bij de verwijzingen doet zich alleen voor bij vormen als rygtunt waar (terecht) wordt verwezen naar de samengestelde vorm y rygtunt ‘tussen hen’. Er is namelijk geen los lemma is voor y rygtunt! Dit staat uitsluitend opgenomen onder het hoofdlemma y rwng ‘tussen’, waar dit een vorm van is. En y rwng zelf staat ook niet op de plek waar je een woord beginnend met yr- zou verwachten, maar samen met andere samengestelde voorzetsels zoals y gan en y gyt als cluster na het voorzetsel y. Dit lijkt me ronduit verwarrend voor de beginner.

Juist wel positief voor de nieuweling is dat de woordenlijst verwijst naar alle keren dat een woord in de tekst voorkomt (dus niet slechts de eerste paar keer, zoals gebruikelijk is), dat het verwijst naar de specifieke zín in de tekst (niet slechts de paragraaf) en zelfs aangeeft hoe váák het in die zin voorkomt. Zodoende kun je er na enig zoekwerk altijd zeker van zijn dat je met het juiste woord te maken hebt.

De grammatica

Wanneer we naar de grammatica kijken rijst, ondanks de bovengenoemde pogingen om de tekst toegankelijker te maken, echter toch de vraag wat nu eigenlijk het beoogde publiek van deze editie is. Wie zijn de totale beginners waar Sims-Williams het in zijn voorwoord over heeft? De grammatica wordt helder gepresenteerd met behulp van vele overzichtelijke tabellen en aanvankelijk wordt praktisch alles geïllustreerd met een voorbeeld inclusief Engelse vertaling om het punt te duiden. Bovendien zijn dit op een enkele keer na altijd voorbeelden uit de tekst zelf, waardoor ze direct relevant zijn voor de lezer. En dat is nu precies de kracht van de grammatica: hij is puur voor Buchedd Beuno geschreven, waardoor de gebruiker uitsluitend met relevante informatie geconfronteerd wordt en niet hoeft te zoeken tussen tal van andere vormen en voorbeelden die nooit in deze tekst voorkomen.

Toch heeft de grammatica in haar bondigheid zo haar beperkingen. De belangrijkste hiervan is dat Sims-Williams het niet schuwt om grammaticale termen te gebruiken, maar deze in veel gevallen slechts impliciet uitlegt door voorbeelden te geven. Een verklarende lijst ontbreekt. Waar er voorbeelden zijn, valt dit te overzien, maar waar de grammatica tegen het einde bij de behandeling van het werkwoord allengs bondiger wordt, neemt de toegankelijkheid ervan af. Zo worden de werkwoordsvormen wel netjes verzameld onder de tijd, wijze en persoon waar ze bij horen, maar wordt nergens duidelijk gemaakt wat het betekenisverschil is tussen een preteritum of een imperfectum, of hoe je in het Welsh de aanvoegende wijs (‘subjunctive’) dient te vertalen. Als je niet al met deze termen bekend bent, helpt deze editie je dus niet verder.

De eigenlijke doelgroep?

In dit licht is het misschien goed om op te merken wat Sims-Williams tegen het einde van zijn voorwoord schrijft: “The text is also relevant to historians and literary historians, as I try to show in the Introduction, which is aimed at a wider audience.” De inleiding, die de auteur dus als geschikt voor een breder publiek bestempelt, is namelijk ook op punten ontoegankelijk voor de leek. Uiteraard geldt dit voor de bespreking van de taal en het dialect van de tekst, die gericht is op de specialist, maar het geldt bijvoorbeeld eveneens voor de eerdergenoemde vergelijking tussen de Middelwelshe en de Latijnse teksten, waarmee Sims-Williams de banden tussen Buchedd Beuno en een aantal Latijnse Levens aantoont. Hier worden lange stukken onvertaalde tekst aangehaald in het Middelwelsh en het Latijn. Nu kun je nog stellen dat de lezer die het Welsh niet machtig is de tekst met behulp van de grammatica en de woordenlijst kan vertalen, maar dit geldt niet zondermeer voor het Latijn.

Al met al veronderstelt Sims-Williams inderdaad geen voorkennis van het Welsh of een andere Keltische taal, maar gaat hij wel uit van enige kennis van de mediëvistiek, het Latijn en bekendheid met grammatica in het algemeen. Misschien is dat ook helemaal niet onredelijk voor een editie van een middeleeuwse tekst over een Welshe heilige. Toch vermoed ik dat de toevoeging van een vertaling, of een aanzienlijk uitgebreider notenapparaat veel had kunnen doen om deze obstakels weg te nemen, júist ook om de tekst voor de 'absolute beginner' toegankelijk te maken. Nu bestaat de kans namelijk dat de beginneling her en der de nuance zal missen, of de woorden wel zal kunnen vinden, maar het idioom niet zal snappen.

Conclusie

Ondanks deze onvolkomenheden slaagt de editie er beslist in om Buchedd Beuno op bovengemiddeld toegankelijke wijze aan de lezer te presenteren. Daarbij moet gezegd worden dat het Leven van Beuno an sich ook gewoon een vlot, levendig verhaal is waarin om de haverklap wel iets eigenaardigs gebeurt, wat de lezer stimuleert om door te lezen. Dat het dit met simpele taal weet te doen maakt Buchedd Beuno zondermeer een geschikte tekst voor beginners. En bij gebrek aan een goed, op zichzelf staand handboek als ‘introductie tot het Middelwelsh’ lijkt Sims-Williams’ editie me inderdaad een mooi opstapje naar gevorderder werken zoals Evans’ Grammar of Middle Welsh en teksten als de Mabinogi. En het leuke is natuurlijk dat je op deze manier niet eerst door een hele cursus heen hoeft, maar meteen de vruchten kunt plukken door met een echte tekst aan de slag te gaan. Dus als je altijd al eens een Middelwelshe tekst hebt willen lezen en bereid bent wat te puzzelen, of al wel al wat ervaring hebt, maar je Middelwelsh al een tijdje niet meer uit de kast gehaald hebt, valt Buchedd Beuno prima aan te bevelen. Zelf vond ik het in ieder geval bijzonder aangenaam om dat laatste aan de hand van dit heiligenleven weer eens te doen en met al zijn memorabele verhaaltjes - zoals dat van de boom die elke voorbijgaande Engelsman dooddrukt, maar een passerende Welshman geen haar op het hoofd krenkt - zal ik deze tekst niet snel vergeten!



Vorige bijdrage
Clontarf 1014–2014
Lauran Toorians
8 april 2019
Volgende bijdrage
Overzicht van bachelor- en masterscripties Keltisch op Nederlandse universiteiten 2017/2018
Dennis Groenewegen
9 mei 2019